Per 1 juli 2026 is de Arbowet op een belangrijk punt veranderd. Hieronder leggen we kort uit wat er speelt en wat u ermee moet.
Achtergrond
Artikel 12 van de Arbowet gaat over hoe u als werkgever samen met uw werknemers optrekt op het gebied van veilig en gezond werken. Dat artikel is gebaseerd op de Europese Kaderrichtlijn veiligheid en gezondheid op het werk. Na klachten van vakbond FNV bleek dat de Nederlandse wet werknemers minder rechten gaf dan Europa eigenlijk bedoelde. Die scheve situatie is nu rechtgezet. En – misschien wel het belangrijkste – de Arbeidsinspectie kan er voortaan ook echt op handhaven. Dat kon voorheen niet.
Wat verandert er precies?
Het sleutelwoord verschuift van samenwerken naar raadplegen. Vroeger was “samenwerken” nogal vaag; in de praktijk bleef het vaak bij een poster ophangen en een mailtje sturen. Raadplegen is actiever: u moet echt een gesprek voeren, serieus ingaan op wat uw mensen inbrengen, en zij mogen zelf voorstellen doen over veiligheid en gezondheid.
Concreet:
- Heeft u een OR of personeelsvertegenwoordiging (PVT)? Dan raadpleegt u díe. U mag niet de individuele werknemers raadplegen als er een vertegenwoordiging is – de OR of PVT gaat voor.
- Geen OR of PVT? Dan raadpleegt u de betrokken werknemers rechtstreeks. Zij krijgen ook het recht om zelf met voorstellen te komen.
Dit staat in het gewijzigde artikel 12 Arbowet.
Alle betrokken werknemers, niet een gedeelte
Belangrijk als u geen OR of PVT heeft: u moet dan alle belanghebbende werknemers raadplegen, niet een steekproef of een handjevol dat u zelf uitkiest. “Belanghebbend” betekent dat het gaat om de werknemers die het onderwerp daadwerkelijk aangaat. Bij onderwerpen die het hele bedrijf raken – zoals de RI&E, de BHV-organisatie of de keuze voor de arbodienst – zijn dat in de praktijk gewoon al uw medewerkers. Speelt een risico alleen op één afdeling of werkplek? Dan mag u de raadpleging beperken tot de mensen die daar mee te maken hebben.
U mag dus niet zelf een select groepje aanwijzen als “de vertegenwoordiging” om de rest over te slaan. U mag het overleg wél praktisch organiseren – via een gezamenlijk werkoverleg, een personeelsbijeenkomst of een enquête onder de betrokkenen – zolang iedereen die het aangaat de kans krijgt om mee te denken en zelf voorstellen te doen. Let op: bij bedrijven met minder dan 10 werknemers is het altijd rechtstreeks overleg met de belanghebbende werknemers.
De wet noemt bovendien een aantal onderwerpen waarover u sowieso moet raadplegen zodra daar iets in verandert:
- de aanwijzing van bedrijfshulpverleners (BHV) – artikel 15 Arbowet;
- de risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E) – artikel 5 Arbowet;
- de organisatie van de deskundige bijstand, zoals de preventiemedewerker – artikel 13 Arbowet;
- de inzet van de arbodienst en aanvullende deskundige bijstand – artikel 14 Arbowet;
- goede voorlichting aan werknemers over hun werk en de risico’s daarvan – artikel 8 Arbowet.
Vrijblijvend, advies of instemming?
Belangrijk om te weten, want dit levert vaak verwarring op: het gaat hier om raadpleging, niet om formeel advies- of instemmingsrecht.
- Het is niet vrijblijvend. U bent verplicht het gesprek te voeren, en de Arbeidsinspectie kan u beboeten als u dat niet aantoonbaar doet.
- Maar het is ook geen instemmingsrecht: uw werknemers of de OR hoeven niet met een besluit akkoord te gaan voordat u het mag nemen. U blijft eindverantwoordelijk en beslist uiteindelijk zelf.
- Het komt neer op een verplichte, serieuze dialoog: u moet uw mensen tijdig betrekken, naar hun inbreng luisteren en hen de ruimte geven zelf voorstellen te doen. U hoeft die voorstellen niet over te nemen, maar u moet ze wel serieus wegen.
Let op: de bestaande advies- en instemmingsrechten van de OR uit de Wet op de ondernemingsraden blijven daarnaast gewoon gelden. Die staan los van deze wijziging.
Implementatie in uw bedrijf
Wat kunt u nu doen om dit op orde te hebben:
- Kijk of u een OR of PVT heeft. Zo ja: zet arbo structureel op de agenda. Zo nee: leg schriftelijk vast hoe en wanneer u de betrokken werknemers raadpleegt (denk aan werkoverleg, een enquête of een periodieke bijeenkomst).
- Zorg dat de vijf genoemde onderwerpen (BHV, RI&E, deskundige bijstand, arbodienst en voorlichting) langskomen zodra daar iets in wijzigt.
- Leg uw overleg vast. De Arbeidsinspectie kan handhaven, dus u moet kunnen aantonen dát u overlegd heeft én waarover. Een kort verslag of notulen volstaat vaak al.
- Controleer meteen even of uw RI&E nog actueel is – die staat expliciet op de lijst en is sowieso een aandachtspunt bij een inspectie.
- Informeer nieuwe medewerkers over de afspraken die u heeft gemaakt.
We denken graag met u mee over een aanpak die bij uw organisatie past.
Meer informatie
Voor meer informatie over deze wijziging: nieuwsbericht Arboportaal
of bel of mail ons.